Interview Bornewasser

Kees Bornewasser tijdens het interview op 27-03-2011

Transcript van het eerste deel van het interview met Kees Bornewasser, zondag 27-03-2011 door Bernadette (B) Olbers en Marlies Bootsma (M) http://youtu.be/dUAqE7kxo34

Kees Bornewasser heeft een lange staat van dienst als musicus; als kerkmusicus en organist, muzikaal leider van de koorschool in Haarlem, als organist bij de Zangertjes van Volendam. Als vrijwilliger heeft hij de muziek ingezet voor sociale doeleinden voor bijvoorbeeld de Novib, het Sint Elisabeth ziekenhuis, gevangenis de Schutterswei enz. Hij heeft een aantal onderscheidingen ontvangen waaronder een pauselijke en een zilveren penning van verdienste van de stad Alkmaar. Hij heeft ook een bijdrage geleverd aan het muziekonderwijs in Alkmaar. Daar willen wij het met hem over hebben binnen de afgebakend periode 1958-2010

We volgen in het gesprek de lijn van een aantal markante punten in het muziekonderwijs, te weten:
–           Oprichting Stichting Alkmaarse volksmuziekschool 1958
–           Start avondopleiding (voor staatsexamen AMV/Schoolmuziek) 1964
–           Oprichting MPA Nassauplein 1975
–           MPA wordt Conservatorium, gaat op in Hogeschool Alkmaar 1985
–           Verhuizing Conservatorium Alkmaar naar Haarlem 2010
Welke functie had u bij de muziekschool?(M)
“Ik heb bij de muziekschool de algemene vakken gegeven oftewel, de theoretische vakken, wij spraken liever over de algemeen muzikale vakken, dus die vakken die een aanstaande musicus ook nodig heeft, hè, om allround te kunnen zijn, om te kunnen steunen op de beginselen van de muziek.”

U heeft alleen lesgegeven aan de vakopleiding?
“Alleen ja.”
U was toch de eerste die ook lesgaf aan de avondopleiding?(B)
“Ik was een van de eersten. Het was zo, toen ik hier kwam te wonen, onmiddellijk het jaar daarop kreeg ik een seintje van de directeur van de muziekschool, eigenlijk van zijn vrouw, dat haar man ziek was en mij graag wilde spreken of ik tijdelijk zou kunnen vervangen die avondlessen, want die avondlessen gaf dus Oeb eigenlijk.”

In welk jaar was dat ook al weer?(B)
“In 1964.”

En ik (Bernadette) had in 1965 les van u. Toen is mijn vader overleden, weet u nog?
“Ja, dat weet ik nog ja.”
Toen heeft u mij een brief geschreven. Oh. En toen kreeg ik solfège en analyse van u.
“Algemene muziekleer, ritmiek.”

En ik kan me nog herinneren dan gingen wij een dictee maken….
“Een muzikaal dictee hoort er ook bij ja……”

 en dan moesten we altijd met een hand zo tikken hè?
“Om de maat te leren, ja kijk als je het echt niet nodig hebt, je kunt ook inwendig tellen. Maar je moet natuurlijk duidelijk zijn om de juiste ritmiek te hebben. Want de juiste noten heeft men dan in het algemeen wel, maar de ritmiek dat is in ons land natuurlijk altijd een meer grotere moeilijkheid, daar zijn we wat stijf in hè. Luchtige ritmiek zoals je die in Oostelijke landen, elders nog meer in de zuidwestkant vindt, die hebben met ritme zo’n natuurlijk gevoel. Voor een juiste notatie kun je het beste doen door als dirigent te spelen. Een dirigent moet ook precies aangeven op welke tel iets komt.”

Dan vertelde u tussendoor ook een verhaal met dat tikken zo. ‘In de psychiatrische inrichting in Heiloo staat een klok en die tikt. Goed doortikken met je hand op de tafel. Vraagt die patiënt aan de directeur: is die klok goed? En dan zegt de directeur: ja die klok is goed. Waarop de patiënt zegt: wat doet die klok hier dan?’ En dat verhaal weet ik nog dat u dat tussen door vertelde.

“Er zijn sommige dingen die we niet zo serieus meer vinden, maar ik kan niet leven zonder regelmatig eens eventjes een eh ja, eens iets tussen door te gooien hè, waarvan een ander zegt maar het heeft helemaal niks met de zaak te maken, nee, maar ondertussen verlevendigt het de aandacht van de ingespannen leerling natuurlijk. En dat heb ik ook wel aan verschillende leraren verteld; als je dus ‘t soms even kruidt met een geestigheidje of zo. Dan gaat het volgende erna opeens weer wat makkelijker.”

En we hadden toen les op de Rochdaleschool.
“Daar begonnen we ja. Daar was van alles.”
En weet u nog dat daar ook een conciërge was en hoe die heette?
“Ja, wat was de naam van die conciërge…”
Meneer Goovers.
“Oh, ja Goovers, ik herinner me de naam Goovers!”

Maar later gaf u les op de MPA.(M)
“Zeker, toen dus die avondopleiding breder werd; er kwamen meer kandidaten voor, denk dus bijvoorbeeld aan een aantal onderwijzers die in de toekomst graag naar middelbaar muziekonderwijs wilden overstappen en die dan dus diploma’s nodig hadden daarvoor. En daarvoor gingen we dan opleiden dus we hebben toen zo langzamerhand de structuur gevormd, ook een structuur waarbij dus sprake was van, eh, tentamens zodat je wist hoever ze waren. Die structuur was dus opgebouwd.”

“En dat ging toen zo, dat bij de staatsexamens de resultaten bevredigend waren volgens de commissie daar. En dat toen de rijksinspecteur gezegd had, die had het bekeken en zegt ja, het is zo dat in Noord-Holland zit eigenlijk nog een soort witte vlek waar zo’n opleiding, als die dus tot stand zou kunnen komen als muziekpedagogische academie, dat dan veel  mensen niet als maar naar Den Haag moeten voor die staatsexamens. En dat ze dan dus hier les kunnen krijgen. En die toestemming is toen gegeven.”

“Toen is in 1975 de avondopleiding veranderd in de muziekpedagogische academie, die daar gekomen is. Ik weet nog dat er een radio uitzending was en dat Oeb werd geïnterviewd en dat ik namens de leraren even wat moest zeggen. Ik heb toen gezegd dat onze avondopleiding verandert in een dagopleiding.”

“Ondertussen was Tineke Broers ook als medewerkster op de dagopleiding, had haar gave als zakelijk leidende kracht en had haar praktische inzichten, is tot adjunct-directeur en -directrice geworden. En eh, hier vond ik het niet erg om vroeg in de morgen, om half 9, de eerste lessen te starten zodat dus de Tesselaren al de eerste boot moesten nemen. Vaak gaf ik het eerste uur van de dag, eens in de week, algemene muziekleer voor de hele klas samen, voor alle eerstejaars, dan kwam ik al gauw op 40 mensen in het zaaltje, een soort college dus.”

Wat was uw relatie tot Oebele Bootsma?

“Oebele zag wat in mij. Het feit ook dat ik al in Amsterdam, ofschoon voor een heel andere sector, les gaf. Ik gaf namelijk in Amsterdam (op het conservatorium) les in Gregoriaans, in de typische kerkmuziek. Waarvoor ik dus een heel speciale opleiding op de interne kerkmuziekschool van drie jaar heb gevolgd, waar ik natuurlijk uitvoerig en veel aan heb gehad.”

“En daar ben ik dus toen voor aangewezen in Amsterdam toen van Baasbergen een onderdeel wilde loslaten, toen had hij mijn oude directeur gesproken en die had mij toen aanbevolen. En vanaf ’54 gaf ik dus al een keer een dag les in de Bachstraat.
Het was voor sommigen ook bijvoorbeeld voor schoolmuziek, organisten enzo verplicht. Maar het ging daar iets vrijer want ik weet dat ik dan ook een keer Ton Koopman op les heb gehad en als het aan hem lag had hij die gegeven. Er waren er bij die heel veel dingen van nature al wisten en ik heb hem verder ook niet meer gezien, dat is wel goed gegaan.”

Ik heb ook nog les gehad van Ton Koopman. (B) Nadat ik in’68 die theorie had gehaald, in Den Haag, staatsexamen, toen ben ik met mijn fagot naar het conservatorium gegaan en toen heb ik les gehad van Ton Koopman.

“Wat gaf hij?”
Uitvoeringspraktijk.

“Oh ja.”
Een bijzonder aardige man.

“In ’63 had in de krant gestaan dat ik me in Alkmaar had gevestigd en ik had natuurlijk het een en ander achter de rug waardoor dus, ehm….. Oeb had die belangstelling altijd, voor mensen, als vakmusicus, omdat hij die oprichting al in zicht voelde komen. En daarom had hij dus al langs die weg gezien, oh dat is misschien wel een goede kracht voor mijn instelling. En dat is altijd heel goed gebleven. Ook wel eens dat hij me wat adviseerde als ik in het begin eens wat stug was, voor de studenten dan liet hij dat merken en ja en dan adviseerde hij dan, goed. Ik heb hem altijd heel graag gehad.”

“En eh, hij heeft heel mooi gesproken toen bij mijn afscheid en ook een bijdrage geleverd in mijn ‘Lieber amicorum’. Dat had ik toen gehad bij mijn afscheid in 1991. Daar heeft hij ook een bijdrage aan geleverd en dat was heel mooi. En ik vind het ook wel iets zeggen dat als eh, moeder (Janny, vrouw van Oebele) natuurlijk jaarlijks altijd nog weer even contact opneemt. Dat vind ik altijd wel erg leuk.”

Wat heeft , volgens u, Oeb betekend in de ontwikkeling van het muziekonderwijs?(M) Hij is natuurlijk begonnen in Bergen/Schoorl, daar heeft hij een muziekschool opgericht. En toen was mevrouw Holsmüller hier bezig vanuit de gemeenteraad met het oprichten van een muziekschool. En toen is mijn vader daarvoor gevraagd. En toen is de muziekschool begonnen en eh, ja, ik heb begrepen dat ie toch wel handig was in het bijeenbrengen van mensen om zoiets voor elkaar te krijgen.

“Ik had wel op het terrein van de muziek nogal eens wat organisatorisch werk. Ik was bijvoorbeeld landelijk voorzitter van de vereniging van katholieke dirigenten en organisten. En ook buiten het muzikale terrein heb ik nogal eens wat bij elkaar gebracht, op het terrein van ontwikkelingssamenwerking, van ziekenbegeleiding naar Lourdes, waar ik 62 keer geweest ben en veel gespeeld heb, natuurlijk, dat wel. En niet te vergeten ook eh Volendam, daar heb ik de kinderen begeleid waarvan je hier het afscheid ziet (Bornewasser wijst naar een foto op zijn bureau). Ik ben 45 jaar met ze mee getrokken door Europa ook nog.”

Ik heb het filmpje gezien op You Tube. Daarop staat het afscheidsconcert in de Vincentiuskerk in Volendam, waarbij u orgel speelt. Dat is op internet te vinden.
“Ach.”
Ja, heel leuk. Wat heeft Oeb………..
“Je vraag moet ik eigenlijk even beantwoorden.”
Oh sorry, sorry.
“Ik heb een omweg gehad. Hij hield in het algemeen hield hij de docent, althans mij, wel vrij. In de manier van doen dus hè, dat je dus een soort systeem ontwikkelde. Nou is het zo dus, mijn ouders waren beide bij het onderwijs, mijn broer natuurlijk ook enzo dus en ik had natuurlijk altijd met kinderkoren gewerkt vroeger. Maandelijks voor de radio met de kerkdienst in Bloemendaal. Ik gaf lessen op de basisscholen in Overveen, Bloemendaal.”

“Al zo lang geleden, dat mocht dan, scholen dus  basisscholen, mochten een vakkracht ook voor de zang aanstellen. Dus, de meesten deden gymnastiek, handwerken voor de meisjes, zwemmen en zulk soort dingen. Maar bepaalde scholen zoals Bloemendaal, Overveen, die hadden een bepaalde bestemming, die hadden centen! (B), laten we het zo maar noemen, die vonden het goed zangles te nemen. Ze hadden het kinderkoor gehoord en ik moest daar zelf nog behoorlijk wat voor bij leren.”

“Langs die plaats, wat ik wilde zeggen dus, dat ik toen eh,  de bovenste laag van de basisschool van Overveen les gaf en dat er toen in de lagere klassen een jongetje zat dat toen nog geen les mocht hebben, maar het was wel muzikaal, het was Paul Witteman. Hahaha.”
Echt?
“Ja, we hebben het er niet over gehad maar hij zat een paar klassen lager dus hij had dan geen les.”
Oh wat leuk.

Advertenties

6 reacties op Interview Bornewasser

  1. A.E zegt:

    goh wat leuk dat dhr. Bornewasser nog leeft. Ik herinner me hem vanuit mijn kinderkoor in de Don Bosco kerk in Alkmaar waarbij bij het Toccata van Widor alle registers van het orgel opende en speelde. Ik weet dat hij nog heel lang heeft doorgespeeld, hij kreeg reuma maar het spelen zit nu eenmaal in zijn handen. Ik had graag het concert of you tube filmpje willen hebben als nostalgie. Ik ben zelf ook een groot musicus geworden en praktiserend rooms Katholiek. De orgelpijpen zijn na de sloop van de kerk naar de Josefkerk gegaan – totaal veranderd – bij een uitvaart in 2011 was ik daar en zongen we liederen van de Don Bosco kerk en ik miste dhr. Bornewasser. Ik hoor in mijn hoofd met kerstliederen – bazuinen klinken – zoals hij dat kon maar nu niet gespeeld worden. Ik heb diep bewondering voor hem en ook hoe hij zich staande heeft wetende te houden door zijn uniek zijn in spelen en dat vele organisten nog veel van hem geleerd hebben en als ze werken horen het verschil goed hoorbaar is en voelbaar.

    • Kees Roodt zegt:

      A.E.

      Mijn initialen zijn C.A.R. (K.R) en ik ben ook lid geweest van het jongenskoor, dat naast het dames- en herenkoor in de Don Boscokerk, rond 1964-’65, medewerking verleende aan de R.K. heilige missen. Mijn volgende reactie is in afwachting van moderatie…

  2. Kees Roodt zegt:

    Ja, Cees Bornewasser leeft nog. Maar ziin beroemde broer prof. dr. Johannes Bornewasser, de kerkhistoricus is een paar jaar geleden overleden. Ik heb van beide “Bornewassers” les gehad en dat is mij niet in de koude kleren gaan zitten ….

    K.R. (R.K.)

  3. Kees Roodt zegt:

    Veel mensen denken dat de kermusicus Cees Bornewasser reeds is overleden. “Leeft die nog?”hoor ik herhaaldelijk. JA, Cees Bornewasser is nu ongeveer 84. Maar zijn broer: prof.dr. Johannes Bornewasser, de kerkhistoricus is wel overleden.
    Dit is een reactie op mijn eerste reactie (K.R.)

  4. T.V. zegt:

    Ik zat op het koor van de Don Boscokerk en mijnheer Bornewasser was de organist. Zwaar onder de indruk van zijn spel bleef ik vaak zitten luisteren. Ik heb zijn spel eens voor hem op taperecorder opgenomen. Hij dankte mij hiervoor met een privé concert. Geweldig karaktervol en emotioneel. Later, op school bij Oebe Bootsma gaf Cees ook les als hij ziek was. Op deze manier: hij nam de dictees op en we moesten het bandje afdraaien en de dictees noteren. Op het conservatorium vroeg hij of ik in zijn Gregoriaanse klasje wilde komen. Ik heb zooooveel van hem mogen leren en ik vergeet hem nooit. Oebe Bootsma heb ik ook nooit vergeten. Die maakte het mogelijk dat ik muziek kon gaan studeren. Mijn complimenten voor het prachtige interview.
    Trudy.

  5. cor verlaan zegt:

    Dankzij Oebe Bootsma e.a.(ik denk aan heren Bornewasser, Demaret, Slot, Hischemoeller) heb ik v.a. 1976-1997 ’n fijne tijd gehad als muziekdocent In Leiden, Leiderdorp, en Katwijk. Leeft b.v. hr. Demaret nog, was toen een van de jongsten, Zo ja, mogelijk nog wat contact mogelijk? Ook kreeg ik zangles aan huis bij hr. Jaap Ooievaar. Medestudenten waren in die tijd (1970-1976) v.d. Akker (orgelstemmer?) Atie Buis, en Renee van Sluis (later een hele goede baritonzanger) Kunt U me nog met iemand in contact brengen b.v. Renee van Sluis. Hartelijk dank!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s